Tot 40% extra korting op winters assortiment!

zaterdag 10 november 2012

Oud-Griekse evolutietheorie

Misschien wel de interessantste figuren uit de Oudheid, zijn de Griekse filosofen van vóór Socrates. De vroegste periode van de Westerse wijsbegeerte brengt ons merkwaardige gedachten. Helaas is van de meeste filosofen uit die tijd alleen maar via-via af en toe een fragment van hun werk bewaard gebleven. Gelukkig zijn er mensen die dit uitzoeken en er een prachtige podcast van maken waar ik voor mijn blog al vaak genoeg gebruik van heb gemaakt.

Vandaag komt de Sicilische filosoof Empedocles (±492 - 432 v.Chr.) aan bod. Van deze filosoof hebben we meer fragmenten dan van de meeste andere filosofen. Dat is maar goed ook, want hij komt met een wonderlijke manier om het bestaan van levende wezens te verklaren (Fragment 57-61):
Er kwam menig hoofd zonder nek op en armen zwierven zonder schouders en kaal rond. En ogen die voorhoofden wilden, dreven voorbij. In isolatie zwierf ieder ledemaat heen en weer en in afwachting van een verbinding. Maar doordat de goddelijkheid verder mengde met de goddelijkheid, vielen deze onderdelen samen waar ze elkaar tegenkwamen en veel geboorten vonden plaats in een lange rij van gevarieerd leven. Wezens met talloze handen en achterblijvende voeten. Velen werden geboren met een dubbel voorhoofd en borst, soms met een menselijk gezicht op een ronderlichaam, ook enkelen met een menselijk lichaam onder een runderkop. Gemengde vormen van wezens met beschaduwde geheime delen, soms gelijkend op mannen en soms op vrouw-groeisels.
Een bijzonder opmerkelijk verhaal en dat dan vooral omdat Empedocles achteraf dichter bij de waarheid blijkt te zitten dan de mens in ruim tweeduizend jaar na zijn dood heeft kunnen denken.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten